Differentiatiestage Gynaecologische Oncologie MUMC+ Maastricht Het MUMC+ is 3e lijnscentrum voor gynaecologisch-oncologische aandoeningen. U komt te werken in een hecht multidisciplinair team (gynaecoloog-oncologen, internist-oncoloog, radiotherapeut, radioloog, patholoog, nucleair geneeskundige, verpleegkundig specialisten) waarbinnen korte lijnen voor overleg naast de gebruikelijke structurele besprekingen. Van de differentiatie-AIOS wordt daarbij een actieve bijdrage verwacht in de directe zowel als indirecte patiëntenzorg (o.a. poli, OK, voorbereiden multidisciplinaire patiëntbesprekingen, en u participeert in wetenschappelijk onderzoek en onderwijs). Daarnaast maakt u kennis met de gynaecologisch-oncologische aspecten van diverse aanpalende specialismen (pathologie, radiotherapie, medische oncologie, radiologie). Wetenschappelijk onderzoek vormt een wezenlijk onderdeel van de werkzaamheden. Vooraf aan de stage wordt uw bijdrage bepaald (hetzij actieve deelname aan lopende projecten, hetzij een door u bij voorkeur binnen de stageperiode uit te werken onderzoeksonderwerp). In een periode van 1 of 2 jaar wordt een verdiepingsslag gemaakt, waarbij meer inzicht in multidisciplinair gynaecologisch-oncologisch handelen, samenwerken en het uitvoeren van specifiek gynaecologisch-oncologische vaardigheden centraal staan. Binnen het gynaecologisch oncologisch team in het MUMC+ is geen fellow actief (m.u.v. jaar 2026) wat het werken onder supervisie zowel als zelfstandig functioneren van de AIOS ten goede komt en daardoor daadwerkelijk meer is dan een ‘meeloop-stage’. Er zal een differentiatieplan conform LOGO worden opgesteld, welke bestaat uit 3 onderdelen. - Consolidatiebasis: de AIOS kiest basis EPA’s uit ter consolidatie of verbetering.
- Aangevuld met 1 of meerdere differentiatie EPA’s. Eigen in te vullen opties zijn binnen het cluster te bespreken. Daarnaast is er een combi-differentiatie mogelijk voor AIOS die kiezen voor een meer generalistisch profiel of die eind jaar 4 de basis EPA’s nog niet op niveau hebben afgerond.
- Werken aan thema’s: in het differentiatieplan wordt vervolgens ook beschreven welke onderwerpen binnen welke thema’s verdieping krijgen. Afhankelijk van de voortgang van de AIOS wordt besproken hoe deze thema’s in het verdiepingsplan passen qua inhoud, tijdsbesteding en leerdoel. Voorbeelden zijn te vinden op de website www.nvog-logo.nl, maar dienen expliciet geïndividualiseerd te worden.
EPA’s opstellen: Er worden EPA’s aangemaakt welke gebaseerd kunnen worden op de eindtermen opgesteld in de NENI nota van 2018. Inhoudelijk wordt er een indeling gemaakt binnen 3 domeinen: Domein 1: Kennis en vaardigheden: Na een stageduur van 2 jaar dient de AIOS in principe competent te zijn om als gynaecoloog met oncologie als aandachtsgebied (GOA) te werken in een niet-centrumziekenhuis. Hieronder vallen: - Opsporen van pre-maligniteiten zoals omschreven in de bestaande BASIS EPA waarbij gewerkt worden naar handelen zonder supervisie dan wel supervisie.
- Kennis over genetica van kanker, uitvragen familie anamnese. Tevens voeren van counseling bij mutatiedraagsters.
- Consultvoering met onderzoek en het opstellen van een evidence based behandelplan bij verschillende oncologische maligniteiten te weten: ovariumcarcinoom, endometriumcarcinoom, cervixcarcinoom, vulvacarcinoom, vaginacarcinoom, Mola (GTZ) / GTN. Hierbij hoort ook de counseling van klinische trials.
- Algemene chirurgische vaardigheden met bijbehorende anatomische kennis en adequate perioperatieve zorg. Hieronder kunnen vallen: skinning vulvectomie, diagnostische laparoscopie, laparoscopische adnexextirpatie, conisatie, TLH, openen laparotomie, laparotomische adnexextirpatie, AUE.
- Gynaecologisch-oncologische chirurgische vaardigheden met anatomische kennis en kunnen assisteren bij/dan wel kunnen handelen onder supervisie bij stadiëring en debulkingoperaties / klierdissecties. Herkennen van urologische en colorectale complicaties.
- Kennis over medisch oncologisch, systemische behandeling met hierbij kennis van relevante trials.
- Kennis over radiotherapeutische behandelingen
- Kennis over radiologische en nucleaire technieken met juiste indicatiestelling. Interpretatie beelden
- Kennis over palliatieve zorg
Domein 2: Werk gerelateerde competenties Dit domein wordt weer opgedeeld in *Patiënt gecentreerde zorgverlening - Inschatten van patiënt specifieke risico’s en zo nodig aanpassen van behandeling - Onderkennen van psychoseksuele gevolgen van gynaecologische maligniteiten - Holistische benadering van symptomen en zorgen - Follow up van oncologische zorg inclusief psychosociale ondersteuning - Kennis over preventieve (lifestyle) maatregelen - Uitleg over vervolg (inclusief slecht nieuws gesprek) met patiënte en naasten - Verzorgen van voorlichting van patiëntenverenigingen *Werken in teamverband - participatie in multidisciplinair teamverband en overleg - waarborgen perioperatieve zorg - kennis van zorg na urologische, colorectale en plastische chirurgie - effectief inzetten transmurale zorgverlening - handelen volgens principe voor goede ouderenzorg *Functioneren in en verbeteren van organisatie van zorg - Omgang met complicaties Domein 3: Persoonlijke en professionele ontwikkeling - Kan omgaan met patiënten met een oncologische aandoening.
- Herkent pathologische verwerking.
- Gaat adequaat om met verdriet, angst, onzekerheid en boosheid van patiënten of hun partner (professioneel gedrag).
- Gaat professioneel om met verschillende overtuigingen rondom ziekte en levenseinde.
- Houdt behandelresultaten bij en spiegelt deze aan (inter) nationale cijfers.
- Reflecteert op eigen handelen en beleving.
- Erkent grenzen en (locatie gebonden) beperking van behandelmogelijkheden.
|